top of page

"Volle kracht vooruit: Motorische vaardigheden van kinderen stimuleren met speelse strategieën!"

Je hoort het vaak van mensen, die met kinderen werken, dat ze zich bezorgt maken over de achterstand die kinderen hebben in hun motorische vaardigheden.

Dit is niet alleen lastig bij het bewegen, maar ook in het sociaal contact met anderen. Motorisch onhandige kinderen zijn namelijk altijd degene, die niet mee kunnen komen, onhandig zijn, dingen omgooien of tegen anderen of voorwerpen aanbotsen, als laatste gekozen worden bij een spelletje enzovoorts. Het is in het dagelijks leven niet fijn als je motorische niet vaardig genoeg bent voor je leeftijd. Onbewust verwachten mensen, dat je bepaalde vaardigheden kunt op een zekere leeftijd en als je niet dan goed genoeg geoefend hebt of niet weet hoe je je

beperking moet opvangen begin je al met 1 - 0 achterstand. Aan ons als ouders en begeleiders de taak om het kind hier in te begeleiden.


Een juiste begeleiding begint bij het geloof, dat elk kind iets kan leren en de wetenschap, dat het bij het ene kind makkelijker gaat dan bij het andere.

Daarnaast is het goed als je er vanuit gaat dat leren beter gaat wanneer het leuk is en als het doel helder is. Er zijn verschillende redenen waarom kinderen kunnen achterlopen in hun motorische vaardigheden.

Vertraging in de ontwikkeling: Sommige kinderen hebben gewoon meer tijd nodig om bepaalde motorische vaardigheden te ontwikkelen. Het kan zijn dat ze wat langzamer zijn in het bereiken van mijlpalen zoals rollen, kruipen, lopen, rennen of springen.

Medische aandoeningen: Sommige medische aandoeningen kunnen de motorische ontwikkeling van kinderen beïnvloeden. Voorbeelden hiervan zijn aangeboren afwijkingen, spierziekten, genetische stoornissen, evenwichtsproblemen of problemen met de zintuigen.

Omgevingsfactoren: Een kind dat niet voldoende stimulatie en gelegenheid krijgt om te bewegen en te spelen, kan achterblijven in motorische vaardigheden. Een beperkte ruimte om te spelen, een gebrek aan speelgoed of materialen die de motoriek bevorderen, of onvoldoende aanmoediging en begeleiding van ouders of verzorgers kunnen allemaal een rol spelen.

Sociale en emotionele factoren: Kinderen kunnen ook achterlopen in motorische vaardigheden als ze onzeker zijn, angstig of een laag zelfvertrouwen hebben. Dit kan ervoor zorgen dat ze terughoudend zijn om nieuwe motorische taken uit te proberen of om te oefenen en te oefenen.

Vroeggeboorte: Kinderen die te vroeg zijn geboren, kunnen een vertraging hebben in hun motorische ontwikkeling. Premature baby's hebben mogelijk meer tijd en speciale zorg nodig om hun motorische vaardigheden bij te benen.


Hierboven staan vijf redenen waarom kinderen een achterstand hebben opgebouwd, maar zijn er honderden. Het is belangrijk op te merken dat elk kind uniek is en dat de ontwikkeling van motorische vaardigheden varieert. Als je als ouders of begeleiders zorgen maken over de motorische ontwikkeling van een kind, is het raadzaam om contact op te nemen met een kinderarts of een ontwikkelingsdeskundige voor een evaluatie en passend advies.


Je kunt ook een heleboel zelf doen.

Iedereen is wel eens naar de fysiotherapeut geweest en heeft ervaren dat je sneller herstelt als je thuis de opgegeven oefeningen doet. Dit geldt ook voor de motorische vaardigheden bij een kind. Het ontwikkelt niet als je erbij staat en ernaar kijkt, maar wél als jullie samen consequent oefenen en vooral veel lol maken.



Er zijn verschillende manieren waarop je kinderen kunt helpen bij het ontwikkelen van hun motorische vaardigheden. Hier zijn enkele suggesties:

  1. Stimulerende omgeving: Zorg voor een veilige en stimulerende omgeving waarin het kind kan spelen en bewegen. Zorg voor voldoende ruimte en voorzie de ruimte met speelgoed en materialen die de motorische ontwikkeling bevorderen, zoals ballen, bouwstenen, puzzels, klimstructuren, maar ook computerspelletjes zoals Wii en een kleuren computer.

  2. Fysieke activiteit: Moedig het kind aan om actief te zijn. Stimuleer het kind om te gaan kruipen, lopen, rennen, springen, gooien, vangen en andere fysieke activiteiten te doen, die passen bij zijn/haar ontwikkelingsniveau. Bied gevarieerde activiteiten aan om verschillende motorische vaardigheden te stimuleren. Zie de spelletjes in het stoeikruimelboek https://www.mojo51.nl/stoeikruimelboek of de extra materialen pagina https://www.mojo51.nl/extramaterialen

  3. Oefening en herhaling: Help het kind regelmatig te oefenen en herhaal activiteiten om de motorische vaardigheden te versterken. Moedig het kind aan om vaardigheden zoals balanceren, coördinatie en fijne motoriek te oefenen.

  4. Speel samen: Speel interactieve spellen en activiteiten met het kind om de motoriek te bevorderen. Speel samen balspellen, dans, doe yoga-oefeningen, speel verstoppertje, etc. Dit bevordert niet alleen de motorische ontwikkeling, maar ook de band tussen jou en het kind.

  5. Gebruik dagelijkse activiteiten: Integreer motorische activiteiten in dagelijkse routines. Laat het kind helpen bij huishoudelijke taken zoals opruimen, tafel dekken, kleren opvouwen, etc. Dit biedt mogelijkheden om de fijne motoriek te oefenen.

  6. Professionele begeleiding: Als de vertraging in de motorische ontwikkeling aanhoudt of ernstig is, kan het raadzaam zijn om professionele hulp in te schakelen. Een kinderfysiotherapeut, ergotherapeut of ontwikkelingsdeskundige kan een evaluatie uitvoeren en individuele oefeningen en interventies aanbevelen om de motorische vaardigheden te verbeteren.

  7. Geduld en positieve versterking: Wees geduldig en moedig het kind aan. Bied positieve versterking en lof voor de inspanningen en vooruitgang die het kind boekt. Dit helpt het kind om zelfvertrouwen op te bouwen en gemotiveerd te blijven.

Het is belangrijk om te onthouden dat elk kind zijn eigen tempo heeft m.b.t. de ontwikkeling van motorische vaardigheden en dat elke kind vooruitgang wil boeken.


Mensen die met kinderen werken weten, dat kinderen toekomst gericht zijn. Dat is een cadeautje van het kind, omdat het daardoor voor ons makkelijker is om ze wat aan te leren.

Het is daarnaast goed om te weten, dat kinderen, net als volwassenen door een leercurve gaan waarbij in fase twee de dip komt, waardoor ze tijdelijk niet meer voor- of achteruit willen. Wil je hier meer over weten, dan wordt dit behandeld in de cursus: het leerproces van een kind (in deze cursus wordt niet alleen de leercurve, maar ook de fantasiebubbel, de staat van het kind en het leren buiten de comfortzone behandeld) en er wordt iets verteld in het vragenuurtje (hiervoor kun je inloggen op de site om zo bij de gratis vragenuurtjes te komen. Het is vragenuurtje 3).


Eén ding geldt voor elk leerproces ongeacht het doel en niveau. Jij als ouder en/of begeleider moet het kind hiermee helpen. Het kind is niet in staat om het zelf te verzinnen, zijn succes is afhankelijk van jouw doorzettingsvermogen, kansen, tijd, inzet en continuïteit.

Heel veel succes en vooral veel plezier.



59 weergaven0 opmerkingen

Comments


bottom of page